
Modernisme in Brussel? Jazeker!
Het modernisme ontstond in het begin van de 20e eeuw tegen de achtergrond van industrialisering, sociale hervormingen en technologische innovatie. Sleutelfiguren als Le Corbusier, Walter Gropius en Ludwig Mies van der Rohe verwierpen historische stijlen en pleitten voor een functionele, rationele architectuur aangepast aan het moderne leven.
Steden als Weimar, Dessau, Parijs en Berlijn werden belangrijke centra van deze beweging. Iconische gebouwen zoals het Bauhaus-gebouw in Dessau, de Villa Savoye bij Parijs en het Barcelona Paviljoen belichaamden de modernistische principes van open plattegronden, nieuwe materialen zoals staal en gewapend beton, en een uitgesproken afwezigheid van ornament.
Ook in België vond het modernisme ingang, onder meer in het werk van Henry Van de Velde en later Victor Bourgeois, die bijdroegen aan de verspreiding van een internationale, vooruitstrevende architectuurtaal.

Licht
Met La Nouvelle Maison in Tervuren (1927) zette Henry Van de Velde expliciet de stap naar een functionele en rationele architectuur, waarin ornament plaatsmaakte voor heldere volumes, strakke lijnen en een doordachte ruimtelijke organisatie. Het gebouw weerspiegelde zijn overtuiging dat vorm moest voortvloeien uit functie en levenswijze, een kernidee van het modernisme.
Diezelfde principes zijn ook zichtbaar in het huis Grégoire-Lagasse in Ukkel, waar Van de Velde een sobere, bijna ascetische architectuur hanteerde, met aandacht voor licht, proportie en materiaalgebruik. In beide projecten toont hij zich minder als decoratief ontwerper en meer als modern denker, die architectuur benaderde als een rationel en sociaal instrument voor het hedendaagse leven.
Technologisch hoogstandje
Het Flageygebouw, oorspronkelijk het omroepgebouw van het Nationaal Instituut voor Radio-omroep (NIR), geldt als een van de meest bekende modernistische gebouwen in België. Het werd tussen 1935 en 1938 ontworpen door architect Joseph Diongre, in nauwe samenspraak met ingenieurs en akoestische specialisten. Het gebouw belichaamt het modernisme door zijn uitgesproken functionele vormgeving: de architectuur volgt rechtstreeks de strikte, technische eisen van radiostudio’s, opnamelokalen en kantoren. De gestroomlijnde volumes, horizontale lijnen en het gebruik van gewapend beton verwijzen naar het internationale modernisme. De afgeronde hoek met daarop het torentje leverde de bijnaam 'de pakketboot' op.

Het Flageygebouw was niet alleen architecturaal vernieuwend, maar ook technologisch: het gold als een van de meest geavanceerde omroepgebouwen van Europa. Na voltooiing van de bouw kwamen geluidstechnici van BBC naar Brussel om te leren van de gebruikte technieken en oplossingen.
Diongre realiseerde daarnaast ook andere modernistische projecten, zoals het gemeentehuis van Sint Lambrechts Woluwe, sociale woonwijken en de Johannes de Doperkerk in Molebeek. Maar het Flageygebouw blijft zijn meest invloedrijke verwezenlijking en een icoon van het Belgische interbellum-modernisme.
Moderne woonomstandigheden
Brusselse tuinwijken, zoals Le Logis–Floréal in Watermaal-Bosvoorde en de Cité Moderne in Sint-Agatha-Berchem, illustreren hoe modernistische principes werden toegepast in sociale woningbouw. Ontstaan in Engeland, waren deze projecten geïnspireerd door kernideeën van het modernisme: functionaliteit, licht, lucht en open ruimte voor arbeiders.
Le Logis–Floréal, ontworpen door onder andere Jean-Jules Eggericx en Louis Van der Swaelmen, combineert geometrische eenvoud met groene zones en gemeenschapsgericht ontwerp, terwijl de schaal van de huizen gericht is op het menselijke leven. De nadruk lag niet alleen op esthetiek, maar ook op het verbeteren van de leefomstandigheden van arbeiders en middenklassegezinnen.

Cité Moderne, gerealiseerd door Victor Bourgeois, gaat nog een stap verder en sluit expliciet aan bij de internationale modernistische beweging en de ideeën van CIAM (Congrès Internationaux d’Architecture Moderne). CIAM, opgericht in 1928, verzamelde architecten uit heel Europa die streefden naar rationele stadsplanning, sociale woningbouw en functionele architectuur. Het doel was steden te ontwerpen die licht, lucht, hygiëne en efficiënt gebruik van ruimte combineerden, zodat architectuur kon bijdragen aan een betere samenleving.
Cité Moderne illustreert dit ideaal: strakke lijnen, eenvoudige vormen en een heldere structuur worden gecombineerd met sociale doelstellingen, waardoor de wijk zowel modernistisch als sociaal vooruitstrevend is.
Bekijk hier ons aanbod voor rondleidingen en interieurbezoeken van modernistische architectuur.

